16 feb 2026

Waarom Erik, Frank en Roos zo goed zijn

Mediajournalist

Bas Hakker

Natuurlijk zat ik zo’n beetje alle Olympische podcasts te beluisteren. Maar eentje stak er voor mij met kop en schouders bovenuit: die van Frank, Roos en Erik. De Bureau Podcast. Wat mij betreft echt de allerbeste.

Twee keer per week praten ze de luisteraar helemaal bij over De Spelen en dat doen ze niet alleen grondig, maar vooral ook goed. Slim, scherp, met humor en liefde voor sport. En dan vraag ik me dus altijd af: waarom krijgen dit soort gasten bij de NPO niet gewoon een fatsoenlijk budget om hier dagelijks iets van te maken op tv?

Ze zijn grappig (allemaal)
In zo’n show zit je toch minimaal vier keer hardop te lachen. En dat is geen toeval, maar echt vakmanschap. Humor wordt hier niet als bijzaak ingezet, maar als essentieel onderdeel van het verhaal. Zo heeft Frank Evenblij aan het einde van de show altijd een imitatie van een bekende sporter paraat. Onvergetelijk was zijn versie van Rintje Ritsma: meestal boos, licht ontvlambaar en – voor de gelegenheid – doorspekt met schunnige Friese spreekwoorden zoals: ‘Wie het mutske niet scheert’, is het likken niet weert’. Of: ‘Al staat het forrnuis vol met haar, gas erop en boffen maar’. ‘Voor het zwaard van Grote Pier opent elke famke haar scharnier ‘En dan zegt Erik: “Ach Frank Ernst Evenblij, zit jij nou Rintje Ritsma belachelijk te maken?”

Ze kennen elkaar goed (en houden van elkaar)
Wat de podcast extra sterk maakt, is de onderlinge dynamiek. Dit zijn geen mensen die elkaar net kennen of netjes hun beurt afwachten. Ze voelen elkaars sterktes en zwaktes feilloos aan en durven zonder pardon op elkaar in te hakken.

In een recente aflevering liet Frank een fragment horen waarin Erik voorspelde dat Marijke Groenewoud wel eens dé revelatie van het Olympische toernooi zou kunnen worden. Nu doet Marijke van alles, maar ze schaatst – laten we eerlijk zijn – geen deuk in een pakje boter. Erik hanteert daarbij het inmiddels legendarische motto: ‘de juistheid van de voorspelling zegt niets over de kwaliteit ervan’. Dat motto wordt vervolgens door Frank met zichtbaar genoegen volledig aan diggelen geslagen.

Ze kennen de sporters (en houden van ze)
Deze mannen maken al decennia televisie met sporters. Niet vanaf de zijlijn, maar van dichtbij. Ze kennen er een hoop écht goed. Daardoor begrijpen ze de verhoudingen binnen een team, de gevoeligheden, de kleine verhalen die het grote verhaal kleur geven. Ze weten bijvoorbeeld nog precies hoe Jorrit Bergsma vreselijk werd gepest door Sven Kramer in de periode dat ze samen in de relay reden.

Conclusie
De rode draad in alles wat deze gasten doen, is dat ze iets toevoegen aan de sport. Dat klinkt simpel, maar dat is het absoluut niet. In de voetsporen van grootheden als Spaan & Vermeegen begrijpen ze één cruciale regel: je moet altijd redactie voeren. Niet zomaar een obligaat interviewtje doen met Femke Kok, maar een creatieve invalshoek. Bijvoorbeeld door met een video naar haar toe te gaan waarin haar hond haar succes wenst. Dat klinkt klein en simpel, maar het is doordacht.

Weet je wat nou het enige echt jammerlijke is aan deze gasten? Dat ze, linksom of rechtsom, toch afhankelijk blijven van een omroep die maar wat doen. In een Engelstalig gebied hadden ze moeiteloos genoeg geld opgehaald om dit volledig zelfstandig op YouTube te doen. Met hun eigen productiehuis. En ondertussen ook nog een hele lichting nieuw talent groot te maken.

Hoe? Door redactie te voeren. Precies datgene waar ze nu al zo belachelijk goed in zijn.

Screenshot

Ook kenner worden van sport, media en marketing?

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.